Het ringen van bosuilen

Op 4 april – Eerste Paasdag – werd het eerste jong bij de bosuilen geboren uit een legsel van 4 eieren in een nestkast in het dorp Hoogeloon. Een dag later waren er al 3 jongen en nog één ei over. Het laatste jong werd pas geboren op 8 april.  Bosuilen broeden hun eieren in 29 tot 30 dagen uit, dat betekend dat het eerste ei werd gelegd rond 7 maart. Op zondag 18 april jl. werden alle vier de jongen geringd en gewogen. Hun conditie was prima, al die tijd hebben ze naast veel bosmuizen ook enkele vogels gegeten. Beide oudervogels voeren nu prooien aan de jongen die groeien als kool. De verwachting is dat het eerste jong ergens tussen 6 en 9 mei de kast zal verlaten als takkeling, dat doen ze op een leeftijd van 32 tot 37 dagen.

Bosuilen hebben overigens krachtige klauwen, tijdens het ringen valt dat ook op. Uilen vangen prooien niet alleen met hun klauwen maar doden ze er ook vaak mee.  In een jachtvlucht stort de bosuil zich geruisloos – en met gestrekte poten naar voren –  op zijn prooi om ze dood te knijpen.  De poten van uilen zijn ook sterk bevederd zodat de ultieme greep naar de prooi evenzeer geruisloos kan gebeuren. Uilen beschikken ook over een ‘keerteen’ (de vierde buitenste) die ze naast de achterste teen kunnen plaatsen zodat twee tenen voor en twee achter staan.  Deze tangvormige greep geeft de uilen nog meer grip op hun prooi. Alleen visarenden onder de roofvogels kunnen dat ook. En al op hele jonge leeftijd beschikken vogels  over stevige en bijna ‘volgroeide’ poten. Alle jonge vogels hebben die immers nodig om op zich op kunnen richten en gevoerd te worden. Dan is het belangrijk dat ze stabiel zitten of staan en niet omvallen. Al op jonge leeftijd kunnen bosuilen dan ook geringd worden zonder dat de aluminium ring van 11 mm er af kan vallen.

Foto gemaakt door Jos Bonninga.

Met vriendelijke groet,

Rien Kelders, Jos Bonninga , Pieter Wouters en  Jan Bogaerts